8 jaren IXNAΘON (G. v.d. Zee)

Am. v.d. Zee gewaagt eerst van de vele problemen die zich voordeden bij het samenstellen, dit door de grote hoeveelheid ongelijksoortige stof. Hij heeft het geheel ingedeeld in drie punten:
1)   Een overzicht van de werkzaamheden der verschillende besturen,
2)  De verschillende geslachten, zoals die naar de verschillende jaren van aankomst zijn in te delen,
3)  De belangrijkste gebeurtenissen gedurende de 44 verschillende vergaderingen.
De oprichtingsdatum van IXNAΘON blijkt de 22e Januari 1947 te zijn, waarbij optrad het Bestuur Homan, dat een hard werkend bestuur is geweest. Spreker licht vervolgens de activiteiten der verschillende besturen toe, die volgden:
Het Bestuur Wielinga, dat geslapen heeft en wakker is geweest; het Bestuur P.E.v.d.Zee, dat slechts korte tijd aan het IXNAΘON-firmament heeft gestaan; het Bestuur Wiepkema, ergens in Januari 1950 opgekomen, en op 25 Maart 1951 afgegaan voor het Bestuur Oosterhuis, het Bestuur E.v.d.Velde, dat tot 11 Maart 1953 stand hield, en dat vele leuke dingen in de vergaderingen liet gebeuren, het Bestuur G.v.d. Zee, gedurende welks bewind de lezingencyclus tepelgetrek en mengelwerk bleef, en het huidige Bestuur Bril, dat eveneens te kampen had met gebrek aan mensen, die een lezing konden houden .
Het blijkt, dat een geest van défaitisme rondwaart, niet alleen in IXNAΘON, maar ook binnen de andere disputen.
Am. v.d. Zee geeft vervolgens een beeld van de geslachten, die in IXNAΘON opstonden gedurende een tijdperk van 8 jaren. Velen zijn reeds afgestudeerd, of hebben het Dispuut om andere redenen moeten verlaten.
Anderen zijn nog steeds aanwezig binnen het dispuutsleven, voor hoe lang nog? De meeste geslachten zijn reeds lang niet meer voltallig.
Spreker wijst op het belang van het bezit van nauwe contacten met een aantal wijze reünisten.
Hij gaat nu in op verschillende détails uit het schone verleden.
Als eerste belangrijke punt noemt hij hierbij het feit, dat vroeger de absenten in het notulenboek werden ingeschreven, voorwaar een belangrijke mos, die moet worden gehandhaafd.
Het begrip gastlid blijkt geen grote levensvatbaarheid te hebben vertoond.
Op 27 juni 1947 was het Dispuut van Bestuurswege officieel erkend
Het blijkt, dat het besluit van 2 december 1947 waarbij de nieuw verkozen besturen in den vervolge op de Dies-vergaderingen zullen worden geïnstalleerd, lang niet altijd is nageleefd.
Stemgerechtigd zijn die eerstejaarsleden die het Dispuutsgeheim hebben gehoord op ’t Dies-diner.
Gedurende de 8 jaren dat IXNAΘON bestaat, is de mos van het houden van één weekend per dispuutsjaar goed gehandhaafd.
Spreker roert verder het mysterie van de verdwenen dispuutsjas aan, en het ontijdig verscheiden van Freule Kymmel, in welke adellijke dame het Dispuut een waardige beschermvrouw zag. Ook het ontstaan van de hengelcie licht hij nader toe. Het probleem van het lied blijkt niet nieuw te zijn. De dispuutshamer is sedert 28 April 1953 spoorloos. Heupen- en bokkencie hebben ook een reeds illustere geschiedenis achter de rug.
Am. v.d. Zee besluit zijn lezing met enige waardevolle adviezen: 1 vergadering per maand, lezingenprogram handhaven, eigen stijl houden, en het teveel aan loze kolder prijsgeven.

Bespreking:
Op een vraag van am. Bril betreffende het lezingenprogram ontstaat hierover een fel debat tussen de amici Bril, v.d. Zee, Jonkhoff, Ybema en Roosjen.
Voorgesteld wordt, om, volgens een vastomlijnd program, voor de verschillende disputen een serie lezingen te houden, die dan tenslotte, in een VERA-vergadering, door een Professor te laten spreken over dat onderwerp, gezamenlijk kan worden besproken. In de Centrale Raad dient hierover uitvoerig overleg te worden gepleegd.
Am. Roosjen ziet in dit voorstel van am. Bril het bezwaar, dat het VERA-bestuur te veel invloed zal gaan uitoefenen via deze Centrale Raad, op de disputen.
Am. v.d. Zee ontzenuwt deze bezwaren, door de constitutie der Centrale Raad nader toe te lichten.
Am. Ybema voorziet moeilijkheden doordat de verschillende disputen ook verschillend zijn in hun werkwijze.
Am. Jonkhoff wil het dispuutsleven niet ondergeschikt maken aan het VERA-leven.
Dit noemt am. v.d. Zee een verouderd idee van het Dispuutsbegrip.
Het doel van het dispuut noemt am. Jonkhoff, om IXNAΘON, en niet VERA op te bouwen.
Am. Ybema stelt voor, om voor het hele dispuutsjaar dit vol te boeken met lezingen.
Hiertegen rijzen bezwaren.
Tenslotte komt am. Bril met het voorstel, om 1 onderwerp per jaar vóór te stellen, en de rest aan de vrije keus van diegene die de lezing houdt, over te laten. Dit vindt instemming.
Am. v.d. Zee voert tenslotte aan, dat binnen het dispuut de personen beter op elkaar ingesteld zijn dan binnen een kring, bv. Bijbelkring, zendingskring. Hij stelt vervolgens voor, om dit onderwerp op een later tijdstip verder te behandelen.
Am. Jonkhoff vraagt naar de officiële dies datum. Dit blijkt 22 januari te zijn. Verder wil hij graag iets meer weten over het symbool van het dispuut.
Am. Roosjen doet de spitsvondige opmerking naar aanleiding van de rangorde van het dispuut IXNAΘON binnen VERA. Het VERA-bestuur moet door goede argumenten op de hoogte gebracht van haar fout in haar beleid ten aanzien van de rangorde der disputen. Het blijkt dat IXNAΘON de 5e in plaats van de 7e plaats dient in te nemen.
Het woord ÍXNAΘON wordt ook wel eens als IXNÁΘON uitgesproken. Het eerste is de Griekse, het tweede de Egyptische uitspraak. Welke is de juiste?
De praeses antwoordt, dat de Jascommissie hier nader over zal inlichten, doordat dit samenhangt met het dispuutsgeheim.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *